Een gemeenschap met hele oude wortels die al in de 6e eeuw voor Christus door de stam van de Araven was bewoond. Romeinen, Swaben en Arabieren hebben achtereenvolgens het dorp bezet. Als we bij het dorp aankomen, begrijpen we waarom. Doordat het hooggelegen en ontoegankelijk was, kon het alleen met wapens en vuur worden veroverd.
Het verhaal gaat dat Fernando Magno (Ferdinand de Grote), koning van Léon, het dorp in 1063 voor de kerstening heeft veroverd en het de naam Malva, later Marialva, heeft gegeven. Maar er wordt ook verteld dat koning D. Afonso II van Portugal het dorp in 1217 aan één van zijn minnaressen, D. Maria Alva, heeft geschonken en dat dit de ware oorsprong van de naam van het dorp zou zijn.
Middeleeuws plaveisel langs muren en deuren in gotische stijl leiden naar een klein plein dat een heel middeleeuwse uitstraling heeft. Aan dit plein bevinden zich de granieten 15e eeuwse schandpaal, de gevangenis en rechtbank van weleer.
De moederkerk met een portaal in Manuelijnse stijl, en gewijd aan Santiago, dateert uit de 16e eeuw. Als dorp aan de oude pelgrimsroute viert Marialva op de dag van de apostel (25 juli) de jaarmarkt van Santiago.
Wanneer u verder omhoog gaat, komt u bij het machtige kasteel, één van de grootste van de regio. Daar boven laat het schitterende panorama van 360º ons de adem stokken.